Uit mijn zoektocht naar innerlijke rust ontstaat een drang om te scheppen. Niet vanuit het denken, maar vanuit het doen. Werken, voelen, proberen — en opnieuw beginnen.
Mijn inspiratie vind ik in de architectuur van de natuur: bomen, plantenstengels, zaaddozen, bloemen, koralen… Vormen en structuren die zich ergens in mijn hoofd nestelen en later, soms onverwacht, opnieuw naar boven komen.
Ik vertrek vanuit die opgeslagen beelden en vanuit wat eerdere werken mij hebben geleerd. Elk nieuw werk vraagt om een volgende stap, om verder te zoeken dan waar ik de vorige keer ben geëindigd.
De buik dicteert de vorm, het hoofd neemt de beslissingen.
Daar, in het samenspel tussen intuïtie en bewust kiezen, ontstaat het werk. Elk resultaat leert mij iets over mezelf en nodigt me uit om opnieuw wat dieper te graven.
Het maken brengt nieuwe ideeën, maar tegelijk ook de innerlijke rust waarnaar ik op zoek ben. Al is die rust meestal maar tijdelijk. Want vroeg of laat begint het opnieuw te kriebelen en moet ik verder.
Zo wordt ieder werk een experiment, een onderzoek. Niet alleen naar klei, vorm en materie, maar ook een beetje naar mezelf.